wp59845a1d.png
wpeb7c813c.png
wp78eb90b7.png
HOME   |   GEDRAGSPROBLEMEN
WELKOM OP WWW.IKBENANDERS.NL
wp4ace0867.png

WAT IS ODD EIGENLIJK?

 

ODD is een DSM-IV classificatie: Oppositional Defiant Disorder.
In het Nederlands noemen we dit de Oppositioneel Opstandige Gedragsstoornis. ODD kan zich ontwikkelen naar een meer ernstige vorm van gedragsstoornis. Deze gedragsstoornis heet CD (Conduct disorder) in het Nederlands simpelweg: de gedragsstoornis.

 

 

WAARAAN HERKEN JE ODD?

 

• Is vaak driftig.

 

• Maakt vaak ruzie met volwassenen.

 

• Is vaak opstandig of weigert zich te voegen naar regels/verzoeken van volwassenen.

 

• Ergert vaak met opzet anderen.

 

• Geeft anderen vaak de schuld van eigen fouten of wangedrag.

 

• Is vaak prikkelbaar en ergert zich gemakkelijk aan anderen.

 

• Is vaak boos en gepikeerd.

 

• Is vaak hatelijk en wraakzuchtig.

 

• Ziet moeilijk zijn eigen aandeel in een conflict.

 

• Reageert vaak impulsief en primair.

 

• Is snel betrokken bij ruzies en conflicten.

 

• Is vaak op zoek naar spanning en sensatie.

 

• Heeft een kort lontje (reageert fel op aanspreken/correcties).

 

 

HOE KUNNEN JIJ EN ANDEREN ER HET BESTE MEE OMGAAN?

 

• Laat de leerling succeservaringen opdoen, aansluiten bij een activiteit of vak waaraan de leerling plezier beleeft.

 

• Dit kan ook als beloningsmiddel gebruikt worden.

 

• Geef korte opdrachten met voldoende uitdaging.

 

• Zorg voor een “veilige” plek in de klas, waar de leerling overzicht heeft.

 

• Maak een planning en breng structuur aan in de les, dag, week.

 

• Geef directe feedback om extreem gedrag te corrigeren.

 

• Geef hierbij ook aan welk gedrag je wel wilt zien.

 

• Stel hem verantwoordelijk voor zijn gedrag, vraag hoe hij de schade denkt te herstellen.

 

• Leer het kind zich in anderen te verplaatsen: perspectiefneming.

 

• Blijf kalm.

 

• Houd de leerling in zicht. Voorkom opbouwende frustraties en escalaties.

 

• Keur niet de persoon af maar het gedrag. Benoem het gewenste gedrag.

 

• Laat helder en eenduidig weten wat je verwacht van de leerling.

 

• Geef de leerling positieve aandacht.

 

• Geef de leerling de kans om zijn gedrag om te buigen (schakeltijd).

 

wpb5fbe237.png

ODD